6 en 7 december 2025 – Tweede Adventszondag in het A-jaar
Aanhef
Advent is leven met een verlangen dat ons voortstuwt. Uitkijken naar wie komt. Niet naar wat we al kennen, wel naar Wie ons verrast. In het wachten groeit het wonder. In het uitkijken ontwaakt het licht. In het reiken naar elkaar komt God dichterbij. God komt thuis, evenwel anders dan we dachten, in de kwetsbaarheid van een kind. God komt anders thuis in een blik van begrip, in een hand die helpt, in een gebed dat fluistert: “Wees welkom, God van licht.” Laat ons als pelgrims van hoop hopen op wie nog niet is. Met een hart dat durft te geloven: U komt thuis. Bij ons. In ons.
Inleiding
Welkom in deze viering van de tweede zondag van de Advent – een tijd van verwachting, van uitzien, van opnieuw leren hopen. Wij kijken uit naar de geboorte van God onder de mensen. Vandaag lijkt Gods droom van een wereld van vrede en gerechtigheid verder weg dan ooit, alhoewel Johannes de Doper in de woestijn roept dat die niet ver meer af zijn. Deze viering plaatst ons voor de vraag of we bereid zijn de handen uit de mouwen te steken om daaraan iets te doen. Er is immers geen verandering mogelijk als wij niet volhouden en er is geen vrede mogelijk als wij niet solidair zijn met onze naaste. Welzijnszorg roept ons dit jaar op om solidair te zijn met elk van onze naasten, want wie arm is moet keuzes maken. Kiezen wij voor solidariteit met wie arm is?
Lichtritus
We zijn in de donkerste tijd van het jaar. We houden niet van duisternis. Rondom ons zien we heel veel lichtjes verschijnen. Duisternis moet verdreven worden. Maar… één lichtje, één kaars is genoeg om in het duister de weg te vinden. Eén kleine vlam is voldoende om een bos in lichterlaaie te zetten. Week na week steken we in deze advent een kaars aan. Een kaars die vertelt over ‘hoop’. Hoop op een kleine twijg die een nieuwe lente aankondigt. Hoop op een daad van solidariteit voor de mens in nood. Hoop op een medemens die blijft geloven in vrede. Hoop op een samenleving waar iedereen meetelt. Vandaag steken we de tweede kaars aan. Ze wil in ieder van ons die hoop aanwakkeren dat verandering mogelijk is als we er blijven aan werken.
Homilie
“Advent is leven met een verlangen dat ons voortstuwt.”, zo klonk de eerste zin uit de aanhef van deze dienst. En in de lezingen ontmoetten we drie figuren die ons daarbij nog een duwtje in de rug gaven.
Allereerst de profeet Jesaja die in een tijd van ballingschap en totale vernieling plots aankondigt dat er een nieuwe koning zal opstaan, dat er iets nieuws gaat beginnen zoals twijgen die een oude tronk tot leven brengen. Er zal een nieuwe tijd aanbreken waarin koe en berin, leeuw en lam, kind en slang vriendschap hebben gesloten. Het wordt een tijd van harmonie omdat de wereld vol is van kennis van God.
Paulus sluit daar naadloos bij aan. In zijn brief aan de Romeinen schrijft hij over eensgezindheid. Het gaat er over de eerste christelijke kerk in Rome die samengesteld is uit diverse culturen en Paulus daagt hen uit om hun verschillen te overbruggen en een hoopvolle gemeenschap te vormen. Het middel daarbij is om je te inspireren aan het verhaal van Jezus en daardoor te volharden of vol te houden in je overtuiging en in dat verhaal telkens ook weer troost te vinden.
Johannes de Doper komt zoals steeds scherp uit de hoek en roept zijn toehoorders op om zich te bekeren, die bewuste nieuwe tijd zal er maar komen als wij er de deur voor open zetten.
In mijn beleving leef je niet zomaar met een verlangen dat je voortstuwt of in hoop. De werkelijkheid van elke dag kan me overladen met allerlei zorgen en de gewone dingen van het bestaan nemen me vaak mee in hun oppervlakkigheid. Ik merk in de lezingen vandaag echter vier aandachtspunten om mee te nemen in deze advent en als die meer invulling krijgen ontstaat er misschien wel iets dat ons voortstuwt of de hoop in ons een meer bestendig karakter geeft.
Allereerst moeten we iets doen aan onze kennis van God. Het gaat hier natuurlijk niet om leren of studeren maar eerder om de oude betekenis van het woord ‘kennis hebben’ wat wijst op relatie en betrokkenheid. Jesaja daagt ons uit om ons thuis te voelen bij God, om een zekere vertrouwdheid met Hem op te bouwen, om een harmonieuze band met Hem te verzekeren. Deze advent nodigt ons uit om meer aandacht te schenken aan verinnerlijking, om weer iets te doen aan ons gebedsleven, om onze geloofsbeleving te verdiepen. In onze pastorale eenheid zetten we hier sterk op in: maandag arriveert het Vredeslicht van Betlehem dat het middelpunt wordt van zovele samenkomsten; in vespers en Taizégebed sluiten we aan bij de lofzang van de psalmen en stappen we in één van de oudste manier van bidden. Jesaja daagt ons uit om onze dagen te lezen in het licht van Gods aanwezigheid en er op toe te zien dat onze tijd inhoud krijgt.
Ten tweede spreken deze teksten van eensgezindheid en harmonie wat ook vandaag een hele opgave is. In de grote wereld om ons heen merken we dat die steeds meer zoek is. We kunnen onze ogen niet sluiten voor de conflicten en oorlogen die ook vandaag nog zoveel verwoesting aanrichten en voor nog vele jaren aan verdeeldheid tussen volkeren zullen zorgen. Ook in onze samenleving treedt een zekere verharding op en merken we een toename aan geweld en onverdraagzaamheid op straat in de bus of de trein. En ook in onze eigen contacten is het niet eenvoudig om een vredevol samenleven mogelijk te maken, blijft het vaak moeilijk om elkaar echt te verstaan, nabijheid te beleven, vergeving waar te maken. In de advent kijken we uit naar de menswording van God en worden we zelf ook aangespoord tot een zo groot mogelijke menselijkheid voor elkaar.
Het derde aandachtspunt is onze verbondenheid met het verhaal van Jezus waar we volharding en troost in mogen vinden. Als je een band met Hem hebt dan laat je je inspireren door zijn loyaliteit en wil je die houding ook over nemen waardoor je het niet opgeeft bij het minste. In zijn levensweg vind je dan ook troost wanneer de uitdaging soms te groot of onoverkomelijk lijkt.
Ten vierde zet Johannes de Doper ons vandaag ook aan tot bekering. In deze periode roept de kerk ons op om ons aan te sluiten bij de actie van Welzijnszorg en ons te laten raken door de nood van mensen die in onze samenleving moeilijk mee kunnen en geremd worden door armoede.
Als we deze vier aandachtspunten met ons meenemen deze advent groeit stilaan in ons het wonder, reiken we meer naar elkaar en komt God dichterbij en tot zolang leven we met een verlangen dat ons blijft voorstuwen.
Norbert Wauters, pastoor
Bezinning
In de stilte na de communie mogen we even stilstaan bij wat Advent vandaag van ons vraagt. De tweede zondag laat ons kijken naar hoop — niet als een vaag verlangen, maar als een kracht die ons beweegt. Hoop op gerechtigheid betekent dat we geloven dat onrecht niet het laatste woord heeft. De wereld blijft verlangen naar eerlijkheid, vrede en zorg voor elkaar. Door de ontmoeting met Christus worden wij uitgenodigd om zelf dragers van die hoop te worden: door kleine daden van aandacht, door rechtvaardig te spreken, door te kiezen voor wat opbouwt in plaats van wat verdeelt.